Programma 5 Verantwoord vooruit

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Programma 5 Verantwoord vooruit - Wat mag het kosten?
Bedragen x €1.000
Exploitatie Begroting 2027 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2028 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2029 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2030 Progr.begr. 2027-2030
Lasten
Incidenteel -424 -339 -331 -331
Structureel -7.444 -7.195 -7.412 -7.529
Totaal Lasten -7.869 -7.535 -7.743 -7.860
Baten
Incidenteel 298 298 298 298
Structureel 7.529 6.910 6.981 7.111
Totaal Baten 7.826 7.208 7.279 7.409
Stortingen
Mutaties reserves -50 -50 -50 -50
Totaal Stortingen -50 -50 -50 -50
Onttrekkingen
Mutaties reserves 56 56 56 56
Totaal Onttrekkingen 56 56 56 56

5.1 Rentmeesterschap

Terug naar navigatie - 5.1 Rentmeesterschap - Trends en ontwikkelingen

Klimaatverandering dwingt ons om in de openbare ruimte rekening te houden met hittestress?en?wateroverlast. We werken daarom aan vergroening?en waterberging in?onze leefomgeving.?En we?zetten in op afkoppeling van de afvoer van?regenwater?naar het riool, ook bij mensen thuis.? 
In het landelijke gebied spelen een aantal grote opgaven. Denk aan stikstofaanpak en natuurherstel, een gezonde bodem?en zorg voor meer biodiversiteit. Hierin spelen Rijksregelingen, provinciaal beleid en regionale samenwerking een bepalende rol; zowel voor de maatregelen die van onze gemeente worden verwacht als voor de kansen en beperkingen in ons buitengebied.? 

 

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 5.1 Rentmeesterschap - Wat willen we bereiken?

Het financieel verloop beleidsveld Rentmeesterschap

Terug naar navigatie - 5.1 Rentmeesterschap - Het financieel verloop beleidsveld Rentmeesterschap
Bedragen x €1.000
Exploitatie Begroting 2027 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2028 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2029 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2030 Progr.begr. 2027-2030
5.1 Rentmeesterschap
Lasten -6.192 -5.805 -5.997 -6.097
Baten 7.524 6.905 6.977 7.106
Onttrekkingen 16 16 16 16
Totaal 5.1 Rentmeesterschap 1.348 1.116 996 1.026

Financiële ontwikkelingen beleidsveld Rentmeesterschap

Terug naar navigatie - 5.1 Rentmeesterschap - Financiële ontwikkelingen beleidsveld Rentmeesterschap

Riolering
Er zijn een aantal onderdelen van riolering waar sprake is van kostenstijgingen. De kosten van energie op de riolen en gemalen is met € 30.000 bij geraamd om de kostenstijgingen te kunnen dekken. Daarnaast vallen de afschrijvingen en toegerekende rente € 40.000 hoger uit. Tot slot is de bijdrage aan Tribuut opnieuw verdeeld conform de begroting. Dit betekent dat € 63.000 meer van de kosten worden doorbelast aan riool. 

De rioolheffing mag kostendekkend worden geheven. Op basis van de meerjarenprognose kan de heffing vanaf 2027 zakken. Dit betekent een nadeel voor de begroting. De kostenstijgingen en de verlaging van de opbrengst kunnen worden verrekend met de egalisatievoorziening voor rioolheffing.

Afval
Circulus voert de taken rondom afval uit. De jaarlijkse bijdrage valt structureel € 142.000 hoger uit. Ook de kosten van Tribuut voor afval vallen vanwege de nieuwe verdeling structureel € 94.000 hoger uit. Deze kostenstijgingen worden opgevangen door de tarieven van afvalstoffenheffing te verhogen en meer uit de egalisatievoorziening te onttrekken.

Reiniging van wegen
Er is voor de inhuur derden een bedrag van € 20.000 bijgeraamd.

5.2 Klimaat en duurzaamheid

Terug naar navigatie - 5.2 Klimaat en duurzaamheid - Trends en ontwikkelingen
Voor de uitdagingen in Klimaat en Duurzaamheid is de programmatische benadering van belang. Dit betekent focus op de gemeentelijke ambities en maatschappelijke opgaven met de mogelijkheid om de verschillende opgaven integraal en gebiedsgericht aan te gaan. Voorbeelden hiervan uit het de afgelopen jaren zijn: energiestrategie gemeente Brummen, maatschappelijke tender voor zonnevelden, visie op de warmtetransitie, onderzoek naar een warmtenet, strategie voor duurzame gebiedsontwikkeling, verduurzaming van gemeentelijke panden. 
 
Dit geldt ook voor onze samenwerking in de Stedendriehoek in het Regionaal Programma Energie. Onze infrastructuur voor elektriciteitsvoorziening staat enorm onder druk: hoe komen we aan extra stroom voor nieuwe woningbouw en economische uitbreiding? En waar is het mogelijk om meer stroom op te wekken? Dit vraagt niet alleen om alertheid voor actuele ontwikkelingen, maar ook om een bewuste gedeelde strategie voor de (middel)lange termijn gericht op opwek, opslag, slimme systemen en verlichting van netcongestie. Wat betreft het gebruik van energie is de warmtetransitie een belangrijk vraagstuk. Dat vereist een effectief warmtebeleid.
 
Waarschijnlijk gaat vanaf 2027 de Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw) gelden, als vervanging van de huidige Warmtewet. Het doel van de nieuwe wet is om de ontwikkeling van warmtenetten makkelijker te maken en zo de energietransitie te bevorderen. Maar ook om betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid van collectieve warmtelevering te waarborgen. Dat gebeurt onder andere door gemeenten meer regie over de warmtetransitie te geven. Dit laatste wordt geregeld in de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw). Hiermee krijgen gemeenten de bevoegdheden (waarschijnlijk vanaf 2027) om regie te kunnen voeren in de wijk- of gebiedsgerichte aanpak van de warmtetransitie.
 
Als de wetgeving eenmaal in werking is getreden, kunnen en moeten we vanaf 2027 aan de slag. Dit doen we op basis van het gemeentelijke warmteprogramma. Hiermee stellen wij lokale regels voor de overgang van aardgas naar andere vormen van energie. De organisatie moet daarop worden ingericht voor een lange periode, want de warmtetransitie loopt tot 2050. Een belangrijke voorbereiding van inwoners op de warmtetransitie is om de warmtevraag in hun woning te reduceren door bewust gedrag en door de schil van de woning te isoleren. De gemeente heeft een actieve subsidieregeling met behulp van Rijksgeld om een deel van de inwoners daarin te ondersteunen.

Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - 5.2 Klimaat en duurzaamheid - Wat willen we bereiken?

Regionaal samen werken aan de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater door te bevorderen dat de uitspoeling van schadelijke stoffen vermindert en de leefomgeving aanpassen aan klimaatverandering.

Terug naar navigatie - 5.2 Klimaat en duurzaamheid - Wat willen we bereiken? - Regionaal samen werken aan de kwaliteit van grond- en oppervlaktewater door te bevorderen dat de uitspoeling van schadelijke stoffen vermindert en de leefomgeving aanpassen aan klimaatverandering.

Wat gaan we doen?

Wanneer zijn we tevreden?

Terug naar navigatie - 5.2 Klimaat en duurzaamheid - Wanneer zijn we tevreden?
  • Minimale aantal geïsoleerde woningen behaald (verantwoording Rijk);
  • Aantal afgekoppelde adressen ;
  • Mate van vergroening (aantal adressen en oppervlakte);
  •  Afstand in m1/m2 verbeterde groenblauwe dooradering;
  • In 2027 is het Warmteprogramma gereed en de organisatie is ingericht op de start van de uitvoering in een buurt/wijkgerichte warmte-aanpak;
  • Het isolatieprogramma ligt op schema: minimale aantal geïsoleerde woningen behaald (verantwoording Rijk).? 

Het financieel verloop beleidsveld Klimaat en duurzaamheid

Terug naar navigatie - 5.2 Klimaat en duurzaamheid - Het financieel verloop beleidsveld Klimaat en duurzaamheid
Bedragen x €1.000
Exploitatie Begroting 2027 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2028 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2029 Progr.begr. 2027-2030 Begroting 2030 Progr.begr. 2027-2030
5.2 Klimaat en duurzaamheid
Lasten -1.677 -1.730 -1.747 -1.764
Baten 302 302 302 302
Stortingen -50 -50 -50 -50
Onttrekkingen 40 40 40 40
Totaal 5.2 Klimaat en duurzaamheid -1.384 -1.437 -1.454 -1.471

Financiële ontwikkelingen beleidsveld Klimaat en duurzaamheid

Terug naar navigatie - 5.2 Klimaat en duurzaamheid - Financiële ontwikkelingen beleidsveld Klimaat en duurzaamheid

Duurzame energie
De regeling CDOKE was voorheen specifieke uitkering voor beleidsveld klimaat en duurzaamheid. Deze regeling is onderdeel geworden van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Dit betekent dat het budget voor inzet van personele capaciteit voor duurzaamheid nu structureel is geraamd bij klimaat en duurzaamheid (€ 765.000) en de extra ontvangst via de algemene uitkering is opgenomen in programma 7. Financiën. Per saldo is dit neutraal voor de begroting.