Financiële Hoofdlijnen

Financieel meerjarenperspectief 2027-2030

Terug naar navigatie - Financiële Hoofdlijnen - Financieel meerjarenperspectief 2027-2030

In tabel 1 staat het financieel meerjarenperspectief voor de jaren 2027-2030. Hierin zijn de belangrijkste wijzigingen opgenomen ten opzichte van de Programmabegroting 2026-2029. 

Totaal meerjarenperspectief Structureel meerjarenperspectief
Bedragen x € 1.000 2027 2028 2029 2030 2027 2028 2029 2030
Programmabegroting 2026-2029 179 -1.241 -1.147 -1.147 544 -1.075 -1.113 -1.113
1 Septembercirculaire 2025 64 18 2 -20 64 18 2 -20
2 Bijstelling BUIG -1.075 -1.075 -1.075 -1.075 -1.075 -1.075 -1.075 -1.075
3 Correctie stelpost jeugdzorg VNG -480 -480 -480 -480 -480 -480
4 Decembercirculaire 2025 38 4 5 5 38 4 5 5
Financieel beeld januari 2026 -794 -2.775 -2.694 -2.716 -429 -2.609 -2.660 -2.682
Ontwikkelingen:
5 Impactanalyse Woo -224 -224 -224 -224 -224 -224 -224 -224
6 Voorjaarsnota / meicirculaire P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. P.M.
7 Loonkosten obv CEP 2026 -66 202 380 P.M. -66 202 380 P.M.
8 Bijstelling Jeugd en Wmo hulpmiddelen 580 600 630 630 580 600 630 630
Financieel beeld Perspectiefnota -504 -2.197 -1.908 -2.310 -139 -2.031 -1.874 -2.276
Dekkingsvoorstellen:
9 Afromen DU CDOKE 35 35
10 Verlagen toevoeging reserve T&R naar 20% 96 96 96 96 96 96 96 96
11 Verlagen budget omgevingswet 25 25 25 25 25 25 25 25
12 Aframen div. kosten RO 10 10 10 10 10 10 10 10
13 Aframen budget particuliere plannen 15 15 15 15 15 15 15 15
14 Verlagen plankosten Ruimte voor Eerbeek 20 20 20 20 20 20 20 20
15 Verlagen budget extra capaciteit omg. vergunningen 50 50 50 50 50 50 50 50
16 Groenonderhoud in centra en toegangswegen van A naar B 15 15 15 15 15 15 15 15
17 Bezuiniging op programma Duurzaamheid 25 25 25 25 25 25 25 25
18 Interventieplan sociaal domein 770 1.030 1.085 1.085 770 1.030 1.085 1.085
18 Versnellingsopties interventieplan P.M. P.M. P.M. P.M.
19 Halveren inzet GGW en participatie 113 120 127 132 113 120 127 132
20 Verhogen concerncorrectie personeel naar 5% 190 198 205 212 190 198 205 212
Stand Perspectiefnota 2027-2030 860 -593 -235 -625 1.225 -427 -201 -591

Toelichting financieel meerjarenperspectief 2026-2029

Terug naar navigatie - Financiële Hoofdlijnen - Toelichting financieel meerjarenperspectief 2026-2029

Programmabegroting 2026-2029
In bovenstaande tabel zijn de saldi opgenomen zoals die zijn besloten in de Programmabegroting 2026-2029. Aan de linkerkant staat het totaal van alle lasten en baten. Aan de rechterkant alleen die van de structurele lasten en baten. De provincie ziet er als toezichthouder op toe dat de structurele lasten in evenwicht zijn met de structurele baten. In bovenstaande tabel is zichtbaar dat het structurele perspectief iets gunstiger is dan het totaal.

Financieel beeld januari 2026
Na het vaststellen van de Programmabegroting hebben er een aantal ontwikkelingen zich voorgedaan. Die zijn toegelicht in de raadsinformatiebrieven over de Septembercirculaire 2025 (D469079), Forse financiële tegenvallers 2025 (D474830) en de Decembercirculaire 2025 (D476253). 

Ontwikkelingen
Inmiddels zijn er nog een aantal andere ontwikkelingen die invloed hebben op het meerjarenperspectief:

5. Impactanalyse Woo: Er is een eerste impactanalyse gemaakt op welke stappen er nodig zijn om te voldoen aan de Wet open overheid. Dit betekent een investering in software om documenten te kunnen anonimiseren en publiceren. Daarnaast is er personele capaciteit benodigd om de applicaties te implementeren en onderhouden. Dit betekent een structurele extra last van € 224.000.

6. Voorjaarsnota / meicirculaire: Het Rijk heeft de voorjaarsnota gepubliceerd. Hier zitten nog geen concrete toezeggingen in die de financiële positie van de gemeente structureel verbeteren. De meicirculaire zal moeten uitwijzen waar we vanuit kunnen gaan bij het opstellen van de begroting. Daarom is deze ontwikkeling als pro memorie (P.M.) aangemerkt.

7. Loonkosten obv CEP 2026: Jaarlijks maakt het CPB een prognose van de ontwikkeling van een aantal economische indicatoren. Hierop wordt de indexatie van lonen en prijzen in de begroting gebaseerd. Voor lonen heeft dat een wisselend financieel effect op de meerjarenbegroting. 

8. Bijstelling Jeugd en Wmo hulpmiddelen: Vanaf 2025 is er sprake van een relatieve daling van het aantal jeugdigen met een betaalde voorziening. Deze dalende trend is in de eerste maanden van 2026 nog steeds zichtbaar voor het aantal jeugdigen en de uitgaven. Om die reden en in het kader van scherp ramen worden diverse uitgavenposten in de jeugdzorg verlaagd. Daarnaast worden  WMO-hulpmiddelen en rolstoelen niet meer ingekocht maar ze worden via een leaseconstructie beschikbaar gesteld. Dit levert een besparing op.

Al met al betekent dit een totaal tekort van bijna € 0,5 miljoen in 2027, oplopend naar € 2,3 miljoen in 2030. Het structurele perspectief is, met name in 2027, iets gunstiger met een tekort van € 139.000 in 2027, oplopend naar € 2,3 miljoen in 2030.

Dekkingsvoorstellen
In de voorliggende perspectiefnota worden een aantal dekkingsvoorstellen gedaan om in ieder geval 2027 structureel sluitend te maken. Het gaat om de volgende voorstellen:

9. Afromen DU CDOKE: De bijdrage van het Rijk voor extra capaciteit voor de uitvoering van klimaatbeleid is met ingang van 2026 fors verhoogd en vrij besteedbaar gemaakt. Hoewel deze middelen volledig nodig zijn voor het uitvoeren van de wettelijke taken voor onder andere de warmtetransitie, is er nu enige ruimte om een klein deel ervan te laten vrijvallen.

10. Verlagen toevoeging reserve T&R naar 20%: In de nota Reserves en Voorzieningen is vastgelegd dat 25% van de opbrengst van de toeristenbelasting wordt toegevoegd aan de reserve Toerisme en Recreatie. Dit zou verlaagd kunnen worden naar 20% van de opbrengst. 

11. Verlagen budget omgevingswet: Dit budget wordt ingezet om de Omgevingswet te implementeren. Het gaat met name over het omzetten van oude bestemmingsplannen, het opstellen van de Omgevingsvisie en het ontsluiten van informatie via het DSO. Het verlagen van dit budget heeft niet direct impact op de doelen. Als er tegenvallers zijn gedurende de uitvoering, betekent dit wel vertraging in de uitvoering.

12. Aframen div. kosten RO: Een post voor diverse kosten zou kunnen worden afgeraamd. We zetten deze post in om RO zaken die we als gemeente op eigen initiatief uitvoeren. Als er, bijvoorbeeld door een wetswijziging, kosten gemaakt moeten worden om daarvoor beleid in te voeren, betalen we dat uit deze post. Verder wordt dit budget ingezet om ontwikkelingen die op basis van beleid wenselijk zijn te stimuleren. Dit om gewenste ontwikkelingen sneller op gang te brengen. Denk bijvoorbeeld aan het makkelijker maken van het aanleggen van landschapselementen in het buitengebied.

13. Aframen budget particuliere plannen: Gedurende een ruimtelijke procedure kunnen er zich zaken voordoen die onverwacht extra kosten met zich meenemen die we niet kunnen beleggen bij de initiatiefnemer. Als het gaat om een ontwikkeling die op grond van ons beleid zeer wenselijk is, kunnen we dit budget inzetten om de kans op haalbaarheid in deze te vergroten. Het budget wordt niet jaarlijks volledig benut en daarom is de direct impact van deze maatregel beperkt.

14. Verlagen plankosten Ruimte voor Eerbeek: In voorgaande jaren is dit budget niet volledig uitgeput.

15. Verlagen budget extra capaciteit omg. vergunningen: Dit budget wordt ingezet om kennis en capaciteit in te zetten bij het verwerken van aanvragen omgevingsvergunningen. Denk daarbij aan complexe aanvragen waarvoor bouwkundige kennis nodig is waarover wij niet binnen onze organisatie beschikken. Het budget kan worden verlaagd, maar beperkt de ruimte die we hebben om waar nodig capaciteit bij te schakelen.

16. Groenonderhoud in centra en toegangswegen van A naar B: A-niveau voor het groenonderhoud en het ruimen van zwerfvuil in de dorpscentra en aan de toegangswegen is ingevoerd om de dorpen een nette en verzorgde uitstraling te geven. Dit heeft een positief effect op de beleving van deze openbare ruimte en de waardering door toeristen. De uitstraling wordt echter meer bepaald door het inrichtingsniveau dan het onderhoudsniveau. Het terugvallen op B-niveau zal niet door veel personen opgemerkt worden en is nog steeds een acceptabel onderhoudsniveau.

17. Bezuiniging op programma Duurzaamheid: Het budget voor programma Duurzaamheid zou structureel verlaagd kunnen worden. Het realiseren van de doelen uit het programma zal wel vertraagd worden.

18. Interventieplan sociaal domein:
Binnen het sociaal domein staan we samen voor een aantal stevige inhoudelijke en financiële opgaven. Opgaven die vragen om zorgvuldige keuzes, onderlinge samenhang en vooral om gezamenlijke verantwoordelijkheid, snelle samenwerking en daadkrachtig handelen.

De huidige en toekomstige financiële positie van het sociaal domein raakt inmiddels niet meer alleen onze eigen taken, maar heeft ook impact op de bredere sociale basisvoorzieningen in Brummen. De urgentie om dit tij te keren is reëel en groot. Daarom is een concreet en integraal interventieplan voor het sociaal domein als geheel nodig, inclusief een stevige financiële onderbouwing. Dat vraagt om scherpte, samenhang en duidelijke keuzes.

Vanuit onderstaande hoofddoelen:

  • Zichtbare verschuiving: voorveld wordt hoofdveld
  • Heldere resultaatafspraken, inclusief sturing en monitoring
  • Kostenreductie
  • Volumereductie
  • Basis op orde

Hoewel er vertrouwen is in de uitvoerbaarheid van het plan, is er tegelijkertijd het besef dat dit pakket ons nagenoeg tot de ondergrens brengt van wat noodzakelijk is om de wettelijke taken uit te voeren, de beleidsinhoudelijke ambities te realiseren en de sociale basisvoorzieningen voor inwoners toegankelijk en houdbaar te houden.

Het verwachte financiële effect hiervan loopt op van € 770.000 in 2027 naar € 1.085.000 in 2030. Dit is een scherpe raming van de mogelijke besparing. De kostenontwikkeling in het sociaal domein kent een grillig verloop en het is lastig te voorspellen hoe maatregelen financieel uitpakken. Daarnaast blijven we als gemeente afhankelijk van externe factoren. Het blijft daarom belangrijk om rekening te houden met een eventuele inzet van de behoedzaamheidsreserve wanneer de maatregelen minder effectief zijn of wanneer de kosten stijgen als gevolg van externe ontwikkelingen.

Naast de structurele besparingen en maatregelen bevat het interventieplan ook een aantal opties om op onderdelen te kunnen versnellen. Dit betreffen incidentele investeringen. Om deze maatregelen te kunnen treffen reserveren we € 300.000 in 2027. Op basis van de resultaten bekijken we wat er in de opvolgende jaren wenselijk en mogelijk is. 

19. Halveren inzet GGW en participatie: Op dit moment is er formatie specifiek belast met het uitvoeren van het beleid rondom gebiedsgericht werken en participatie. Er kan voor gekozen worden om dit niet langer te behandelen als losstaand beleidsveld, maar het te integreren als vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks handelen van medewerkers. Dit zou een verschuiving betekenen van project- en beleidsmatig werk naar verandering in de organisatiecultuur. Dit vraagt aan de voorkant extra inzet, maar op termijn zou het kunnen leiden tot een halvering van de inzet op zowel gebiedsgericht werken als participatie.

20. Verhogen concerncorrectie personeel naar 5%: In het kader van scherper ramen is er in het verleden voor gekozen om 4% van de loonsom af te ramen. Op personeelskosten werd jaarlijks fors overgehouden doordat medewerkers niet in het maximum van hun loonschaal zitten en er ook sprake was van onderbezetting. Op basis van de realisatie van de afgelopen drie jaar zou het percentage verhoogd kunnen worden van 4% naar 5%.

Tegelijkertijd is dit geen taakstellende bezuiniging op personeel. Als er sprake is van volledige bezetting en meer medewerkers aan het einde van hun loonschaal leidt dit tot een tekort die incidenteel gedekt kan worden uit de behoedzaamheidsreserve. Vervolgens zou het percentage weer neerwaarts bijgesteld moeten worden.

Stand Perspectiefnota 2027-2030
Het financieel beeld was, bij de start van deze perspectiefnota, in alle vier de begrotingsjaren negatief. In 2027 was er sprake van een tekort van € 794.000. In de jaren daarna ging het om een tekort van € 2,7 miljoen.

Er zijn een aantal ontwikkelingen die het beeld beïnvloeden. Het gaat hierbij om meerkosten van de Woo, een bijstelling van de salariskosten en een bijstelling van de verwachte kosten voor jeugdzorg en Wmo hulpmiddelen. Deze ontwikkelingen verbeteren het meerjarenbeeld structureel met een financieel effect van tussen € 300.000 en € 800.000 voordelig.

In deze perspectiefnota worden ook een aantal structurele dekkingsvoorstellen gedaan. Met name het interventieplan sociaal domein heeft een positief effect van ruim € 1 miljoen. Maar ook in de andere programma’s worden ook aanzienlijke voorstellen gedaan.

Onder aan de streep betekent dit een fors beter resultaat voor alle jaren. 2027 sluit nu met een positief saldo van € 560.000. De opvolgende jaren laten nog wel een tekort zien, maar dit is wel fors verlaagd doordat er structurele maatregelen worden getroffen. Dit biedt een solide basis voor het opstellen van de Programmabegroting 2027-2030.

Vaststelling

Terug naar navigatie - Financiële Hoofdlijnen - Vaststelling

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 2 juli 2026.

De gemeenteraad van Brummen,

 

M.E.A. Knook                         J.N. Rozendaal
griffier                                        voorzitter